Ouderavond
Woordeloos zaten ze tegenover me. Zij zeventien, lang blond nonchalant opgestoken haar, egaalbruine zonnebankhuid. Spijkerbroek, laag truitje dat alle ruimte liet aan de piercing die haar navel zoveel fraaier deed uitkomen. Hij, veertig-vijfenveertig, driedelig zwart, waarschijnlijk direct van zijn werkgever naar hier gekomen. Afwisselend keken ze naar elkaar en mij. De eer duidelijk voor de mentor.
Mijn voorzichtige "Tja, niet best hé, je laatste rapport", was hét sein voor een woordenwaterval. Van vader’s kant wel te verstaan. Dat was nou net niet de bedoeling
"Zullen we eerst Brenda het woord geven?" vroeg ik tactvol.
Hij knikte met tegenzin. Een lange stille stilte. Een zoeken naar woorden.
"Echt geen idee, meisje?", spoorde ik aan.
Tien minuten hadden we. Hoewel bekend om mijn uitloop, wilde ik het daarbij houden, ze waren niet de laatste die avond.
En dan ineens zachtjes: "Rekenen hé. Ik kan ‘t niet en ‘t zit overal bij. Al twee jaar bijles, het helpt niks."
Een zucht van verlichting, het was eruit. Snelle blik in haar rapport.
“Wat heeft maatschappijleer met rekenen te maken? En wetskennis? En beroepshouding en Engels?"
Ik had nog meer op kunnen noemen, deed het niet. Bij elke vraag werd ze iets kleiner. Antwoord bleef uit.
"Zei ik niet dat het teveel is als dat vriendje elke avond komt".
"Ja, maar pa, pas na tienen, dan studeer ik echt niet meer. En bij huishoudelijk werk denk jij ook niet aan studeren!"
Gebiologeerd volgde ik de discussie. Twee wezens, twee planeten, elk hun eigen taal. Nooit eerder kwamen discussies met mijn dochter zo duidelijk in herinnering.Toen het stil werd besefte ik dat ik eerder had moeten ingrijpen. Sorry, nog zes wachtenden na u.
"Wat vindt u daar nu van mevrouw? Het is toch slecht voor haar studie als dat joch elke dag komt?"
Nee vader, dacht ik oneerbiedig, je spant mij niet voor jouw karretje. We zitten hier niet voor jou maar voor haar.
Ondertussen zei haar blik: Waag het niet mijn pa gelijk te geven!
Dilemma! Een goed contact met hem, oké. Met haar moest ik iedere dag verder.
Ik negeerde zijn vraag, richtte me tot haar.
"Goh, vriendje, Dat heb je me niet verteld tijdens IB. Al lang? Hoe heet hij?"
Dat verwachtte ze niet, ze straalde.
"Jeroen juf en zondag een half jaar."
Om pa niet buitenspel te zetten, weer contact met beiden.
"Hoe zou het zijn als je Jeroen twee avonden per week niet ziet?"
Vader glimlachte. Maar voor zij antwoord kon geven lanceerde ik een vraag zijn richting.
"Hoe zou het zijn als Brenda één dag in het weekend vrij krijgt, niets aan studie en huishouden doet?"
Duidelijk twee gewetensvragen. Wederom stilte.
Zij snapte het als eerste.
"Prima als pa dan ook niet meer zeikt. Zaterdag of zondag bij Jeroen en twee avonden keihard werken."
Nu ik haar 'mee' had ging ik verder.
"Zou je mee willen doen aan het project studieplanning tijdens stage? Niet vrijblijvend, ik verwacht elke week verslag."
Ze laat de woorden tot haar doordringen.
"Waar is dat goed voor?"
Ik leg uit dat studeren tijdens de stage het gemakkelijker maakt het ritme weer op te pakken bij terugkomst op school, en ze kan zich gelijk voorbereiden op de examens. Als ze ja knikt haalt pa opgelucht adem. Het ijs gebroken, samen onderhandelen ze verder.
Verdomd, denk ik, gelukt. Weer de diplomatie kunnen vinden om beide partijen tevreden te stellen. Ik schudde vader met een tot ziens de hand. Brenda nam zelf het initiatief mij ook de hand te schudden.
"Tot morgen hé juf. Gaan we er weer flink tegenaan!"